David en Goliat
/admin/files/17/intropic_1269882391_thumb.jpg

Illustratie: Gunter Segers

David was een herder. Hij was nog jong, maar de Heer hield van hem.
Op een dag moest David eten brengen naar zijn broers.
Zij vochten in het leger van koning Saul tegen de Filistijnen.
Het leger van Saul was bang, want bij de Filistijnen liep Goliat rond, een reusachtige en sterke man.
Goliat riep:
“Wie durft er tegen mij vechten?”
Niemand durfde. Behalve David.
Koning Saul gaf David zijn beste harnas, het stevigste schild en het scherpste zwaard.
Maar daar kon David niet mee bewegen.
Hij nam zijn slinger en zocht 5 gladde keien bij de rivier.
Zoals alle herders kon hij heel goed mikken met die slinger. Die gebruikten ze om de schapen te beschermen tegen wilde dieren.
David bad tot God:
“Heer, U heeft me geholpen tegen leeuwen en beren. Help me ook nu om de reus te verslaan.”
Goliat lachtte toen hij David zag.
David stopte een kei in zijn slinger, en slingerde die zo hard hij kon richting Goliat.
Hij raakte het voorhoofd van de reus zo hard, dat hij neerviel.
De Filistijnen zagen dat Goliat overwonnen was, en renden weg.
Koning Saul en zijn leger juichten, en David werd hun held.


1 Sam 17, 1-52


Beluister dit verhaal

Kleurplaat!






Over deze website | Help | Privacy | International | Contacteer ons
Nabbi © 2019, Belgische Bisschoppenconferentie. Alle rechten voorbehouden.